Tagarchief: aïcha

Een zee van witte paraplu’s…

Gisteren werd ik na een paar uur om 06:17 uur wakker en kon niet meer in slaap komen. Eenmaal uit bed merkte ik pas goed hoe moe ik was en dat uitgerekend op de dag dat ik naar Utrecht zou gaan. Al ben ik niet zo’n ‘demonstratief’ type en hou ik helemaal niet van groepen, toch had ik deze keer besloten om me daarover heen te zetten en op Wereldvluchtelingendag mee te lopen met de Umbrella March van VluchtelingenWerk. Onderweg in de trein besloot ik de paraplu te laten zitten, aangezien ik met tas om m’n nek en plu in m’n hand geen fotoserie kan maken. Later bleek ik een van de weinige mensen zonder te zijn.

De zon brak door toen ik op Centraal uitstapte en verder liep naar Park Nieuweroord, het vertrekpunt. Er stonden al een hoop mensen te wachten en ik zag onder andere de bekende gezichten van Dieuwertje Blok en Aleid Wolfsen. De sfeer was gemoedelijk, het viel me op hoe vriendelijk de mensen waren. Nadat Dieuwertje het startsein had gegeven, ging de witte stoet op weg onder begeleiding van een drumband en een aantal politieagenten. Ik sloot me erbij aan en belandde uiteindelijk achter de eerste rij deelnemers met ondermeer Dorine Manson, directeur VluchtelingenWerk. Af en toe sprintte ik even voor de meute uit om foto’s te maken.

Na een wandeling van een uur kwamen we ten slotte bij het asielzoekerscentrum aan. De drumband gaf een toegift, daarna volgden een aantal sprekers, waaronder Paul Mbikayi en Aleid Wolfsen, de laatste benadrukte dat ‘asielrecht een mensenrecht is en dat het jammer is dat daar in Nederland soms vraagtekens bij worden gezet’. Met de komst van Gerd Leers was ik een stuk minder blij, ik herinner me nog de harde woorden die hij bij P&W sprak over asielbeleid en zijn beklemtoning van het verschil in verantwoordelijkheid als burgemeester en als minister. Bij zijn ‘mensen die echt in nood zitten, zijn welkom in Nederland’, voelde ik m’n wenkbrauwen dan ook steil omhooggaan.

Cruciaal daarbij is natuurlijk welke interpretatie wordt gegeven aan het woordje ‘écht’. Het geheel werd op een ontwapenend-enthousiaste manier aan elkaar gepraat door Dieuwertje. Tussendoor trad ook nog Nihad Hrustanbegovic op, een klassieke accordeonist uit Bosnië. Moe van het slenteren, hangen en stilstaan en blij dat ik toch gegaan was besloot ik geen gebruik te maken van de bussen die klaarstonden om iedereen weer bij het station af te leveren, maar de drie kilometer terug te lopen. Nadat ik op Centraal gauw een meeneembroodje & thee had gekocht, haalde ik nog net één minuut voor vertrek de trein naar Rotterdam.
Marjelle

Zwaarste last vluchtelingen voor arme landen

Aicha Cheb Khaled

Fotoshoot?

Toen ik een aantal weken geleden voor het eerst over the Brown Sisters las, werd ik meteen nieuwsgierig naar de fotoreportage van Nicholas Nixon, fotograaf en tevens echtgenoot van Bebe, een van de zussen. Van 1975 tot 2009 fotografeerde hij ze jaarlijks zodat er een unieke portretreeks ontstond. De expositie liep tot 28 maart in het Nederlands Fotomuseum aan de Wilheminakade, op een steenworp afstand van onder andere Café Rotterdam en Las Palmas, het restaurant van Herman den Blijker waar ik nog nooit ben geweest. Voor deze gelegenheid onderdrukte ik weer m’n afkeer van musea én met wind-tegen de Erasmusbrug over fietsen en ging op pad.

Nadat ik met moeite de brug bedwongen had, besloot ik eerst te gaan lunchen bij de overburen, waarna ik nog zo’n vijf kwartier had om de diverse exposities in vogelvlucht te verkennen. Eenmaal in het museum kreeg ik voor het eerst een negatieve reactie op m’n vriendelijk verzoek om foto’s te maken. ‘Shit’, zei ik binnensmonds, want het ging me juist om de combinatie van plaatjes kijken en schieten. ‘Ik moet het ook niet meer vragen, maar gewoon dóen’, dacht ik erachteraan.

 

Op m’n gemak slenterde ik door de verschillende ruimtes, bekeek de indringend mooie foto’s van de zussen en hoorde het stel naast me het viertal diepgravend analyseren. Wat mensen al niet voor conclusies trekken op basis van louter uiterlijk, ik vermande me en liep verder. Op de begane grond bekeek ik de QUICKSCAN NL-tentoonstelling waarin foto’s, collages en performances van ruim 25 fotografen en kunstenaars vertoond werden en voelde steeds meer de neiging opkomen om m’n camera toch tevoorschijn te halen. Aangezien het niets voor mij is om dingen stiekem te doen, ben ik daar ook helemaal niet handig in.

Op goed geluk en met m’n ogen en oren op scherp nam ik hier en daar snel wat foto’s waarbij ik mezelf wijsmaakte dat de Brown-uitvoering op de deur niet echt tot de expositie behoorde. Dat het allemaal gehaast ging is dan ook te zien. Dit is geen museum voor mij, ook in de winkel hing er een soort van beklemmende sfeer die je eveneens in bibliotheken tegenkomt, elke uiting van leven wordt in de kiem gesmoord. Toen ik aan het eind van m’n route een man tegenkwam met z’n camera in de aanslag keken we elkaar even veelbetekenend aan.
Marjelle

Aicha Cheb Khaled