Tagarchief: hertenkamp

Bambi

Toen ik vanaf Taste langs het hertenkamp reed zag ik iets pluizigs tussen de spijlen door piepen. Snel zette ik m’n fiets neer en haalde de camera tevoorschijn. Op het moment suprême keek hij me met z’n fluwelen reeënogen aan, ik drukte op de knop… er gebeurde helemaal niets. Ik was vergeten de pas opgeladen batterij terug te stoppen in het apparaat. ‘Fuck’, zei ik niet al te hartgrondig om de hertjes niet voor het hoofd te stoten, ik sprong weer op m’n trouwe Gazelle en reed door naar de Kralingse plas.

Terwijl ik aan kwam rijden zag ik weer iets pluizigs, dit keer op het water. Mama en papa Gans vergezeld van hun donzige kroost gleden majestueus over de schitterende plas. Ik moest meteen aan een tweet van Wiltold Riedel denken.
I see the most amazing things when I do not have my camera with me.’
#Leica #M9 #NipponCameraClinic #photography #NYC #street #observation

Exact dat gevoel had ik nu ook.*
Marjelle

Fallin’ Michael Grimm

*Hertje van vorig jaar

Hello goodbye

‘Hé, ik heb ‘m in het verkeerde gaatje gestopt, maar goed dat ik geen-‘, die gedachte slik ik in. Met een halfopgeladen mobieltje loop ik de deur uit op zoek naar warm, aaibaar en lekker. Daarnet was ik geïrriteerd toen ik bepaalde uitspraken in een blog las. ‘Niet doen, je hebt je energie veel te hard nodig voor andere dingen’, spreek ik mezelf ferm toe. Opeens voel ik een donzig pootje in m’n hand. ‘Laat gaan, Marjelle, sommige mensen zien arrogantie, neerbuigend doen naar anderen als iets positiefs, ik weet allang dat het juist een teken van zwakte is’, hoor ik Beer bemoedigend zeggen. Ik glimlach naar hem en verzucht, ‘ik wilde dat meer mensen zoals jij waren, eerlijk, lief, sterk, loyaal en standvastig’.



Als ik ergens moe van geworden ben de afgelopen periode is het wel van mensen die a zeggen en b doen, zuigend zeuren over trivia en bij de eerste beetje kritische vraag of opmerking van de ene dag op de andere woordenloos uit m’n leven verdwijnen. Het positieve is dat ik steeds meer besef dat dit soort types ook geen mensen voor mij zijn. Zelfs al zit ik nu in een heel moeilijke situatie en kan ik elke steun gebruiken, dan nog hoef ik die dingen niet te accepteren. Het doet me ook denken aan een van m’n blogontmoetingen dit jaar – terwijl ik dit opschrijf zie ik de man voor me weer naar me kijken. Het was me al eerder opgevallen dat hij zich zat te vervelen, z’n blikken gingen wisselend van z’n vrouw die verdiept was in haar tijdschrift naar mij terwijl ik net veel te grote happen van m’n ciabatta-met nam. Ik negeer hem verder en richt m’n aandacht weer op het verkreukelde A4-tje voor me.



Toen ik tijdens die ontmoeting voor de derde keer in een paar uur te horen kreeg wat een man tien jaar geleden in een café had gezegd, kreeg ik het Spaans benauwd en moest ik de neiging bedwingen om hard weg te rennen. Het was een van die vele momenten het afgelopen jaar dat ik me afvroeg, wat doe ik hier, met deze persoon, in deze stad, in dit leven, en mezelf wakker wilde knijpen uit de boze droom. Gelukkig zijn er ook leuke mensen die wel menen wat ze zeggen, al is dat bij sommigen louter m’n virtuele indruk. Dat er soms een groot verschil is tussen het ware gezicht en de mooie woorden achter het avatarplaatje is een paar keer heel duidelijk geworden.
Marjelle

Mosquito Ingrid Michaelson


Vonkelwater

De zon brandt op m’n arm, ik kijk naar de witgelakte motorbootjes voor me met op de achtergrond welig groen en hier en daar een dansende vlinder. Tonic met citroen wordt zo gebracht, er is geen wolkje aan de lucht op een paar schaapjes na, toch is het voor een groot deel schijn. In werkelijkheid speelt mijn leven zich niet louter af op terrassen in de zon al dan niet aan het water.

Vlakbij ligt een te grote hond aan een veel te lange lijn mij aan te staren. ‘Zou hij voelen dat ik niet op m’n gemak ben of heeft-ie toevallig een voorkeur voor broodjes kaas?’ vraag ik me af. Ik besluit nog een kop thee te bestellen als ik hond en getatoeëerde baas zie vertrekken. De rust keert weer, al is het aan de oppervlakte, vanbinnen knaagt het. ‘Grote liefdes raak je nooit meer kwijt. En dat hoeft ook niet. Verdriet en koestering’* stond er laatst in de reactieruimte en zo is het.

Een felwit pak en rode schoenen trekken m’n aandacht, na Aboutaleb is dit de tweede BN’er die ik tegen het lijf loop. Hij geeft samen met Herman den Blijker hotels een make-over, z’n naam weet ik niet. Ik hou er wel van als mensen en dingen omgetoverd worden, maar het moet geen extreme vormen aannemen. Een tafeltje verder zit een leuke man met lange krullen, jongensachtig, beetje druk, echt Rotterdams. De zon verstopt zich opeens achter donkere wolken en ik twijfel tussen teruggaan of doorfietsen het onbekende tegemoet.

Via een slingerpaadje steeds dieper het bos in beland ik ten slotte bij een hertenkamp. Ik klim op een van de bankjes om de dieren van bovenaf te fotograferen, maar dat schiet niet op met m’n 1.64m. Ik besluit tussen de spijlen door foto’s te maken, een vak apart blijkt later. Een pauw volgt me trots en nieuwsgierig, maar weet nog niets van stilteposes. Sommige herten komen op kruimels af die ik niet in m’n hand heb. Op het laatst zie ik nog een stoere eland die te beweeglijk is voor m’n camera. Later als ik de weg weer kwijt ben, word ik door een aardige student op het juiste pad gezet. Aan m’n linkerhand zie ik de Schone Lei liggen waar ik een glas wijn neem en geen laatste sigaret.
Marjelle

Vonkelwater

Ek het gedink
Ek het gedink dat ek jou kon vergeet,
en in die sagte nag alleen kon slaap,
maar in die eenvoud het ek nie geweet
dat ek met elke windvlaag sou ontwaak:

Dat ek die ligte trilling van jou hand
weer oor my sluimerende hals sou voel-
Ek het gedink die vuur wat in my brand
het soos die wit boog van die sterre afgekoel.

Nou weet ek is ons lewens soos ’n lied
waarin die smarttoon van ons skeiding klink
en alle vreugde terugvloei in verdriet
en eind’lik in ons eensaamheid versink.

Ingrid Jonker

Glass Ingrid Michaelson

*Aad Verbaast